PSA-beleid verplicht voor de werkgever

PSA-beleid verplicht voor de werkgever


Pesterijen, geweld, agressie, discriminatie of (seksuele) intimidatie kunnen ingrijpende gevolgen hebben in de vorm van lichamelijke en psychische klachten. Ook een hoge werkdruk kan een bron van stress vormen. Als werkomstandigheden, zoals de psychische druk en de omgang met anderen niet goed zijn, kan er werkstress ontstaan. Deze psychosociale arbeidsbelasting kan leiden tot gezondheidsproblemen en ziekteverzuim. Het kan uiteindelijk zelfs de oorzaak zijn van langdurige uitval en mogelijk zelfs arbeidsongeschiktheid.

Op grond van de Arbowet is de werkgever verplicht om een beleid op het gebied van psychosociale arbeidsbelasting (PSA) te voeren en  grensoverschrijdend gedrag en werkdruk te voorkomen. Werkgevers zijn verplicht om de risico’s in kaart te brengen in een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E). In het Plan van Aanpak, gebaseerd op de RI&E, dient concreet te worden vermeld wat de risico’s zijn en wat je als werkgever hebt gedaan of gaat doen om deze risico’s te voorkomen. Het PSA-beleid dient opgenomen te worden in dit Plan van Aanpak. Werknemers moeten worden voorgelicht over de risico’s en de maatregelen die de werkgever heeft getroffen om psychosociale arbeidsbelasting te voorkomen. De Inspectie SZW kan maatregelen nemen in het geval de werkgever niet beschikt over een RI&E en/of Plan van Aanpak. Daarnaast zal de inspectie ook bekijken of er voldoende aandacht besteed is aan PSA en benadrukt de inspectie het belang van het aanstellen van een vertrouwenspersoon, het vaststellen van een klachtenregeling en het benoemen van een onafhankelijke klachtencommissie.

Om PSA te voorkomen zijn er een aantal maatregelen die een werkgever kan nemen. In eerste instantie is het belangrijk om werknemers te laten weten dat grensoverschrijdend gedrag niet geaccepteerd wordt. Ook het bespreken van ongewenst gedrag en de werkdruk met de werknemer kan bewustheid creëren. Het continu informeren en/op de hoogte houden van werknemers is dus van belang. Daarnaast kan het benoemen van een vertrouwenspersoon en het instellen van een klachtencommissie extra hulp bieden voor werknemers. Beiden zijn niet verplicht, maar het is een aan te bevelen maatregel om aan de verplichtingen ter voorkoming van ongewenst gedrag te voldoen.

Bij het aanpakken van ongewenst gedrag op de werkvloer kan een vertrouwenspersoon een belangrijke rol spelen. Een vertrouwenspersoon kan het eerste aanspreekpunt zijn voor werknemers die ongewenst gedrag meemaken. De vertrouwenspersoon kan hier advies in geven. Uiteraard dient de vertrouwenspersoon vertrouwelijk om te gaan met informatie van individuele werknemers en heeft een geheimhoudingsplicht. De or heeft instemmingsrecht voor de regeling omtrent een vertrouwenspersoon. Het is zowel mogelijk om intern als extern een vertrouwenspersoon aan te stellen.

Ook het instellen van een klachtencommissie kan ongewenst gedrag helpen signaleren en/of voorkomen. Indien de situatie zo ernstig is, kan de behoefte bij een werknemer bestaan om met klachten over pesterijen, geweld, agressie, discriminatie of (seksuele) intimidatie terecht te kunnen bij een (externe) klachtencommissie. Het is in veel gevallen verstandig om te werken met een klachtenregeling voor ongewenste omgangsvormen. Nadat een werknemer een klacht heeft ingediend, gaat de klachtencommissie op basis van een onderzoek na of de klacht gegrond is. Als dat het geval is, adviseert zij de werkgever over het nemen van maatregelen. Uiteindelijk controleert de klachtencommissie of de genomen maatregelen hebben geholpen. Ook bij het invullen van een klachtencommissie is het mogelijk om dit zowel intern als extern te doen.

Ben jij niet bekend met het PSA-beleid of heb je hulp nodig bij het opstellen van dit beleid? Vanuit Adviesbureau APB ondersteunen wij jullie graag!


Arbeidsvoorwaardennotitie 2021

Arbeidsvoorwaardennotitie 2021


Sinds begin dit jaar staat de gehele wereld in het teken van het COVID-19 virus. De coronapandemie treft ons allemaal, niet alleen qua gezondheid, maar ook sociaal, maatschappelijk en economisch. De ‘intellectuele lockdown’ van maart dit jaar, met ingrijpende economische gevolgen voor sectoren, is na de eerste positieve gevolgen daarvan in de zomer opgevolgd door alsmaar oplopende besmettingen en ziekenhuisopnames. De persconferentie van gisterenavond (13 oktober 2020) door premier Rutte en minister De Jonge heeft duidelijk gemaakt dat wederom strengere beperkingen in onze contactmomenten de komende periode noodzakelijk zijn. Een ‘gedeeltelijke lockdown’ met wederom sluiting van horeca, geen evenementen, geen alcoholverkoop na 20:00 uur, beperkingen op groepsgrootte, beperkt sporten en een mondkapjesplicht zijn de nieuwe, strengere maatregelen.

Nederland blijft daarnaast nog steeds zo veel als mogelijk vanuit huis werken en beeldbellen is de nieuwe manier van communicatie, overleg en vergaderen. Het is een manier van werken die voor velen van ons toch beter gaat dan vooraf gedacht. Dit jaar is onze jaarlijkse arbeidsvoorwaardennotitie dan ook tot stand gekomen vanaf de keukentafel thuis. Dit is sinds de eerste editie in 1987 nog nooit voorgekomen.

We gaan in deze editie van de arbeidsvoorwaardennotitie in op de economische situatie voor Nederland, waarin de gevolgen van de coronacrisis duidelijk zichtbaar zijn. De onzekerheid over cijfers en gevolgen is groter dan ooit. Ook de maatregelen die van belang zijn voor de ontwikkeling van de arbeidsvoorwaarden staan omschreven. Het doel van deze notitie, opgesteld met de beschikbare informatie tot en met 13 oktober 2020, is u te informeren en te ondersteunen bij het vormgeven van uw arbeidsvoorwaardenbeleid voor het komend jaar.

Het kader waarbinnen werkgevers hun arbeidsvoorwaarden voor 2021 moeten plaatsen is nog nooit zo onzeker geweest en voortdurend aan veranderingen onderhevig. De reeds genomen en nog te nemen overheidsmaatregelen en de sector waarin uw werkzaam bent, zijn alles bepalend. Een verantwoord algemeen advies voor 2021 is daarmee eigenlijk niet te geven dit jaar. En we gaan het toch doen! Uw eigen specifieke omstandigheden, de situatie van uw organisatie en branche spelen, meer dan ooit, de cruciale rol.

Ik wens u, namens het team van Adviesbureau APB, allen een goede gezondheid toe, daarnaast veel leesplezier en sterkte en succes met uw bedrijfsvoering en keuzes voor het komende jaar. Aarzel niet indien u vragen heeft met ons contact op te nemen. Wij blijven er voor u!

Hopelijk lukt het ons het coronavirus zo spoedig mogelijk onder controle te krijgen.

Download PDF bestand

NOW 3.0

NOW 3.0


Recent heeft het kabinet bij Kamerbrief een steun- en herstelpakket voor ondernemers en werkenden gepresenteerd. Het nieuwe pakket volgt op twee eerdere pakketten.

In het nieuwe pakket wordt gesproken over het verlengen van de NOW met negen maanden. De tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW 2.0) loopt 1 oktober 2020 af, maar het coronavirus stopt dan (helaas) niet. Het blijft voorlopig een aanhoudende impact hebben op de samenleving en economie. Het kabinet is van mening dat het van belang is om bedrijven en werknemers te blijven steunen om de werkgelegenheid zoveel mogelijk te behouden. Tegelijkertijd zullen bedrijven en werknemers zich samen moeten voorbereiden op de nieuwe economische realiteit. Het kabinet heeft daarom besloten om de NOW te verlengen tot en met 30 juni 2021 met de NOW 3.0.

Wat zijn de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de NOW 2.0?

  • De NOW 3.0 geldt tot en met 30 juni 2021. De NOW wordt verlengd met drie tijdvakken van drie maanden (oktober/november/december, januari/februari/maart en april/mei/juni). In het eerste tijdvak komen bedrijven in aanmerking die een omzetdaling hebben van ten minste 20 procent. Vanaf 1 januari 2021 moet er sprake zijn van een omzetdaling van ten minste 30 procent.
  • Het vergoedingspercentage wordt per tijdvak langzaam afgebouwd. In het eerste tijdvak bedraagt het maximale vergoedingspercentage 80 procent, in het tweede tijdvak 70 procent en in het derde tijdvak 60 procent.
  • Het kabinet wil bedrijven met langdurige omzetverlies de mogelijkheid bieden om de loonsom geleidelijk te laten dalen zonder dat dit ten koste gaat van de subsidie. Het vrijstellingspercentage in het eerste tijdvak bedraagt 10 procent, in het tweede tijdvak 15 procent en in het derde tijdvak 20 procent. Deze daling kan op verschillende manieren tot stand komen, zoals bijvoorbeeld door natuurlijk verloop of individuele afspraken met werknemers.
  • De korting die in de NOW 2.0 wordt toegepast op het moment dat er sprake is van bedrijfseconomisch ontslag, wordt losgelaten.
  • Het maximaal te vergoeden loon per werknemer zal in de eerste twee tijdvakken van drie maanden gelijk zijn aan de NOW 1.0 en 2.0 (maximaal tweemaal het dagloon). In het derde tijdvak zal dit worden verlaagd naar maximaal eenmaal het dagloon.

Voor deelname aan de NOW 3.0 is het niet van belang of er al is deelgenomen aan de andere NOW-regelingen. De precieze voorwaarden van de NOW 3.0 worden op dit moment nader uitgewerkt en zullen uiterlijk 1 oktober 2020 bekend worden gemaakt.

Naast de NOW zijn ook de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) verlengd tot en met 30 juni 2021. De extra, verruimde of meer toegankelijke kredietverlening en -garanties aan kleine en middelgrote bedrijven blijven ook na 1 oktober 2020 beschikbaar. Ondernemers kunnen daarnaast nog tot 1 oktober 2020 belastinguitstel aanvragen. Daarmee loopt dit uitstel op uiterlijk 1 januari 2021 af.


NL Leert Door

NL Leert Door


In een kamerbrief heeft Minister Koolmees de Tweede Kamer geïnformeerd over de hoofdlijnen van het crisispakket NL Leert Door.

Vanaf begin augustus kunnen werkenden en niet-werkenden kosteloos een ontwikkeltraject volgen bij een gekwalificeerd loopbaanadviseur. De loopbaanadviseur kan ondersteunen bij het kiezen van de juiste scholing of hulp bieden bij het solliciteren maar de loopbaanadviseur zal ook inzicht geven in de kansen die er op dit moment in de arbeidsmarkt zijn door middel van een arbeidsmarktscan.

Daarnaast kunnen werkenden en niet-werkenden vanaf dit najaar ook kosteloos (online) scholingstrajecten volgen. Het kan daarbij gaan om kortdurende cursussen om een specifieke vaardigheid te leren, vakgerichte bijscholing of een eerste module van een langer omscholingstraject. Zo kunnen mensen vaardigheden leren om ander werk te kunnen verrichten binnen de organisatie waar ze al werkzaam zijn of om beter inzetbaar te worden bij andere bedrijven.

Om gebruik te maken van de scholingsmogelijkheden dienen deelnemers zich aan de melden bij een deelnemende opleidingsinstantie.

De uitwerking van deze twee subsidieregelingen (inzet door ontwikkeladvies en inzet van online scholing) zullen in de komende periode verder gepubliceerd worden. Het kabinet wil dat zo veel mogelijk werkenden en niet-werkenden op de hoogte zijn van de kansen die het pakket biedt om zonder kosten ontwikkeladvies en online scholing te kunnen volgen. Daarom zal er de komende periode extra aandacht aan worden besteed.


Regeling voor flexwerkers (TOFA)

Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA)


De TOFA is bedoeld voor werknemers met een flexibel contract die door de coronacrisis (bijna) geen inkomsten hebben en geen uitkering kunnen krijgen. De regeling bestaat uit een eenmalige tegemoetkoming voor de periode maart, april en mei 2020.

Wat zijn de voorwaarden om de tegemoetkoming TOFA te krijgen?

  • De flexwerker was op 1 april 2020 minimaal 18 jaar oud en had nog niet de AOW-leeftijd bereikt.
  • Het sv-loon van de flexwerker over februari 2020 was minimaal € 400.
  • Het sv-loon van de flexwerker over maart 2020 was minimaal € 1.
  • Het sv-loon van de flexwerker over april 2020 was maximaal € 550.
  • Het sv-loon van de flexwerker over april 2020 was minimaal 50% lager dan het sv-loon over februari 2020.
  • De flexwerker kreeg over april 2020 geen uitkering of andere tegemoetkoming in de inkomsten.
  • Door verlies van inkomsten door de coronacrisis is de tegemoetkoming TOFA nodig voor kosten voor levensonderhoud.

Alle inkomsten waarover belastingen en sociale verzekeringspremies worden betaald, tellen mee voor het sv-loon (sociale verzekeringsloon). Er is geen recht op TOFA in het geval er uitkeringen of tegemoetkomingen zijn ontvangen in de maand april 2020.

De hoogte van de tegemoetkoming TOFA is € 1.650 bruto. Dat is € 550 bruto per maand over de periode maart, april en mei 2020. De tegemoetkoming wordt in 1 keer uitbetaald. Voor het vaststellen van de inkomsten voor deze periode wordt er gekeken naar de inkomsten die zijn opgegeven bij de Belastingdienst.

De tegemoetkoming TOFA telt mee met het bruto jaarinkomen van 2020. De tegemoetkoming dient dus meegenomen te worden bij de belastingaangifte.

Voor flexwerkers is het mogelijk om een aanvraag in te dienen van maandag 22 juni tot en met 22 juli 2020. De aanvraag kan middels het aanvraagformulier op de website van het UWV. Het UWV streeft ernaar om binnen 4 weken na de aanvraag een beslissing te sturen. Als de tegemoetkoming TOFA wordt toegewezen, dan betaalt het UWV het bedrag binnen 10 kalenderdagen.


Corona-noodpakket 2.0

Corona-noodpakket 2.0


Het kabinet volgt de ontwikkelingen in de diverse sectoren en heeft op 20 mei 2020 aanpassingen in de huidige regelingen en een aantal nieuwe regelingen gepresenteerd.

Nieuwe regeling: Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB (TVL)
De TVL is de opvolger van de TOGS-regeling. De regeling is specifiek gericht op MKB bedrijven die door de coronacrisis meer dan 30% van hun omzet verliezen, daardoor in de problemen komen met het betalen van hun vaste lasten. Vanaf 1 juni tot 1 oktober 2020 kunnen MKB-ondernemers (in onder meer de horeca, recreatie, evenementen, kermissen, podia en theaters) een belastingvrije tegemoetkoming krijgen. Met deze tegemoetkoming kunnen MKB-ondernemers hun vaste materiële kosten betalen. Bedrijven krijgen afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetderving (minimaal 30 procent) een tegemoetkoming voor hun vaste lasten tot een maximum van € 50.000 voor de komende vier maanden. In aanmerking komen de getroffen sectoren uit de TOGS-regeling (afhankelijk van de SBI-codes). De TVL kan naast de TOGS-regeling en de NOW-regeling worden aangevraagd. De regeling wordt de komende weken verder uitgewerkt.

Nieuwe regeling: Nederland leert door
Onderdeel van het tweede steunpakket is de omscholingsregeling “Nederland leert door”. Doel van deze regeling is dat toekomstige werklozen zich kunnen omscholen naar functies waar nog voldoende werk is. Kosteloze (online) om- en bijscholing en ontwikkeladviezen worden beschikbaar gesteld voor iedereen die door de crisis werkloos is geraakt.

Verlenging en aanpassing regeling tegemoetkoming loonkosten (NOW)
De NOW 1.0 was aan te vragen tot en met 5 juni 2020. Vanaf 6 juli 2020 is het mogelijk om een tegemoetkoming in de loonkosten aan te vragen bij het UWV voor de maanden juni, juli, augustus en september 2020. De ondernemer dient minstens 20 procent omzetverlies te verwachten over een periode van vier maanden die start op 1 juni, 1 juli of 1 augustus. Subsidieaanvragen kunnen zowel door werkgevers gedaan worden die al een aanvraag in het eerste tijdvak hebben gedaan, als door werkgevers die voor het eerst een beroep gaan doen op de NOW. De verlengde NOW-regeling hanteert dezelfde systematiek van tegemoetkoming, maar bevat een aantal wijzingen. Wat zijn de belangrijkste wijzigingen?

  • De referentiemaand voor de loonsom voor het tweede tijdvak is vastgesteld op maart 2020.
  • De vaste (forfaitaire) opslag wordt verhoogd van 30 naar 40 procent. Daarmee levert de NOW ook een bijdrage aan werkgeverslasten (bijvoorbeeld pensioenpremies, premies voor werknemersverzekeringen en reservering voor het uitbetalen van vakantiegeld).
  • De korting op subsidie bij ontslag blijft bestaan. Bedrijven moeten bij een NOW-aanvraag verklaren dat zij overleggen met vakbonden als zij meer dan 20 werknemers bedrijfseconomisch willen ontslaan. Als er geen akkoord met de vakbonden is bereikt, dan moet er een gezamenlijke aanvraag voor mediation worden gedaan bij de Stichting van de Arbeid. Is er geen overeenstemming en geen mediationverzoek, dan geldt er een ontslagboete van 5 procent.
  • Een bedrijf dat gebruik maakt van de NOW mag over dit jaar geen winstuitkering aan aandeelhouders doen, geen bonussen aan het bestuur en de directie uitkeren en geen eigen aandelen inkopen.

Verlenging tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)
De regeling voor zelfstandigen is verlengd tot 1 oktober 2020. Als een zelfstandige aan de voorwaarden voldoet, kan hij de Tozo-uitkering aanvragen. Ook zelfstandigen die nog geen gebruik hebben gemaakt van Tozo kunnen ondersteuning aanvragen. Tozo 2 is vanaf 1 juni tot en met 30 september 2020 aan te vragen.

Het verschil tussen Tozo 1 en Tozo 2 bedraagt de partnerinkomenstoets. De partnerinkomenstoets houdt in dat het inkomen van de partner meetelt voor het bepalen van de hoogte van de aanvullende uitkering. Indien het gezamenlijke inkomen boven het sociaal minimum uitkomt is er geen aanspraak op de aanvullende uitkering levensonderhoud. Dit is bij Tozo 1 niet het geval.

Verlenging belastingmaatregelen
De periode waarin getroffen ondernemers belastinguitstel kunnen aanvragen is verlengd tot 1 oktober 2020. De belastingrente en invorderingsrente zijn tot 1 oktober 2020 verlaagd naar 0,01 procent. Ook andere belastingmaatregelen, zoals een versoepeling van het urencriterium voor zzp’ers en recht op zelfstandigenaftrek, worden tot 1 oktober 2020 verlengd.


Wetsvoorstel: uitbreiding ouderschapsverlof 2022

Wetsvoorstel: uitbreiding ouderschapsverlof 2022


Het Europese Parlement en de Europese Raad zijn van mening dat het evenwicht tussen werk en privéleven voor ouders verbeterd kan worden. Met de implementatie van dit wetsvoorstel zal het ouderschapsverlof aantrekkelijker worden gemaakt voor ouders. Het wetsvoorstel waar het kabinet momenteel aan werkt, wordt na de zomer naar de Tweede Kamer gestuurd.

Het is nu mogelijk voor ouders om 26 weken ouderschapsverlof op te nemen in de eerste acht levensjaren van hun kind. Dat verlof is in principe onbetaald, tenzij werkgever en werknemers daar binnen hun organisatie of cao andere afspraken over maken. Niet iedereen kan zich veroorloven gebruik te maken van de regeling van ouderschapsverlof.

In de uitbreiding van het ouderschapsverlof zullen de eerste 9 van de 26 weken ouderschapsverlof worden betaald. Het UWV gaat deze verlofuitkering uitbetalen. Ouders krijgen dan een uitkering ter hoogte van 50 procent van hun dagloon, tot 50 procent van het maximum dagloon. Het maximum dagloon wordt vastgesteld door het ministerie van SWZ en bedraagt met ingang van 1 januari van dit jaar € 219,28 bruto. De verlofweken moeten wel worden opgenomen in het eerste levensjaar van het kind. De overige 17 weken verlof blijven wettelijk onbetaald en kunnen nog steeds tot de 8e verjaardag van het kind worden opgenomen.

Indien het wetsvoorstel wordt goedgekeurd, zal de regeling rond het ouderschapsverlof vanaf augustus 2022 worden uitgebreid.

Naast het ouderschapsverlof hebben ouders ook recht op geboorteverlof. Het is mogelijk om vanaf de eerste dag na de bevalling eenmaal de wekelijkse arbeidsuren op te nemen. Werknemer krijgt 100 procent van het loon doorbetaald. Vanaf 1 juli 2020 zal het mogelijk zijn om vanaf de dag na de bevalling tot een periode van 6 maanden na de bevalling aanvullend geboorteverlof op te nemen. Hiervoor geldt maximaal 5 maal de wekelijkse arbeidsuren. 70 procent van het loon zal worden doorbetaald door het UWV.

Klik hier voor een kort overzicht van de verlofvormen die zijn opgenomen in de Wet arbeid en zorg.


WKR tijdelijk opnieuw verhoogd

WKR tijdelijk opnieuw verhoogd


Het kabinet heeft opnieuw maatregelen genomen om werkgevers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. Om werkgevers tegemoet te komen, verhoogt het kabinet de vrije ruimte van de werkkostenregeling (WKR).

Sinds 1 januari 2020 heeft de werkkostenregeling een vrij besteedbare ruimte van 1,7% over de eerste € 400.000 van de fiscale loonsom en 1,2% over het deel van de loonsom boven € 400.000. De vrije ruimte van de WKR is verhoogd naar 3% voor de eerste € 400.000 van de loonsom. Deze verhoging is tijdelijk en geldt alleen voor 2020.

Onder de WKR kan een werkgever een deel van het totale fiscale loon besteden aan onbelaste vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen aan werknemers. Werkgevers die ruimte hebben, kunnen hun werknemers in deze tijd extra tegemoet komen. Zo is het mogelijk om een bloemetje of een cadeaubon belastingvrij te geven.


Voorwaarden TOGS regeling

Voorwaarden TOGS regeling


De Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren (TOGS) is een maatregel van het kabinet om ondernemers te helpen die door het coronavirus en de daarop genomen maatregelen specifiek zijn getroffen. Ondernemers die aan de voorwaarden voldoen, ontvangen eenmalig € 4.000,- (belastingvrij).

Het betreft een gift naast de andere maatregelen die het kabinet heeft genomen, zoals  tegemoetkoming loonkosten (NOW) en verruimde mogelijkheden voor overbruggingskredieten.

Aanvragen kunnen door ondernemers online worden ingediend via de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Dit kan vanaf vrijdag 27 maart 2020 tot en met vrijdag 26 juni 2020 17:00 uur.

De regeling geldt voor specifieke sectoren. In eerste instantie was het alleen mogelijk voor onder andere eet- en drinkgelegenheden, haar- en schoonheidsverzorging, evenementenlocaties, bioscopen, rijschoolhouders, fitnesscentra, sportclubs, sauna’s, reisbureaus en bepaalde private culturele instellingen zoals musea, circussen, theaters, schouwburgen en muziekscholen om een aanvraag in te dienen. De regeling is per 30 maart 2020 uitgebreid. Ook bepaalde groepen ondernemers in de non-foodsector, zoals winkeliers, kunnen nu de tegemoetkoming aanvragen. Om aanspraak te maken op deze regeling moet de hoofdactiviteit van de onderneming overeenkomen met één van de vastgestelde SBI-codes. Op de website van de RVO is een zoektool voor deze SBI-codes beschikbaar.

Wat zijn de voorwaarden?

  • De onderneming stond op 15 maart 2020 ingeschreven in het handelsregister van de kamer van koophandel.
  • De hoofdactiviteit van de onderneming, zoals die op 15 maart 2020 in het handelsregister geregistreerd stond, moet overeenkomen met één van de vastgestelde SBI-codes.
  • De onderneming heeft een fysieke vestiging in Nederland waarvan het vestigingsadres is geregistreerd in het handelsregister.
  • De onderneming heeft maximaal 250 medewerkers in dienst.
  • De ondernemer verklaart dat hij, van 16 maart 2020 tot en met 15 juni 2020, een omzetverlies verwacht van ten minste € 4.000,-.
  • De ondernemer verklaart ten minste € 4.000,- aan vaste lasten te verwachten in de periode 16 maart 2020 tot en met 15 juni 2020. Ook na gebruik van andere door de overheid beschikbaar gestelde steunmaatregelen.
  • De onderneming is niet failliet.
  • De onderneming heeft geen verzoek tot verlening van surseance van betaling ingediend bij de rechtbank.
  • De ondernemer verklaart bij de aanvraag dat over het huidige en de afgelopen twee belastingjaren niet meer dan € 200.000 aan overheidssteun is ontvangen (de-minimisverordening). Ondernemingen die het gehele bedrag al hebben uitgeput, komen niet in aanmerking voor de regeling.
  • De onderneming verklaart geen overheidsbedrijf te zijn.
  • De onderneming is buiten de woning gevestigd (met uitzondering van bijvoorbeeld een café waarvan de eigenaar, huurder of pachter boven de zaak woont)

De tegemoetkoming bedraagt eenmalig € 4.000,- per onderneming (en niet per vestiging).

Het RVO probeert binnen twee weken een besluit te nemen. Na een positief besluit wordt er binnen enkele werkdagen uitbetaald.

De aanvragen worden achteraf gecontroleerd. Indien er bij de controle geconstateerd wordt dat de tegemoetkoming ten onrechte is verstrekt, dan kan het uitbetaalde bedrag herzien of teruggevorderd worden. Dit kan tot vijf jaar na uitbetaling van de tegemoetkoming.

Heeft u vragen over deze regeling, neem dan contact met ons op.


Update regeling NOW

Update corona regeling NOW


Het NOW (Noodfonds overbrugging werkgelegenheid) is bedoeld om werkgevers die te maken hebben met omzetverlies door de Coronacrisis op korte termijn te compenseren. Bedoeling hiervan is dat werkgevers hun werknemers met een vast en met een flexibel contract in dienst houden en hun salaris kunnen doorbetalen.

Bij de NOW-regeling kan een werkgever 90% van de loonkosten gecompenseerd krijgen bij een omzetverlies van 100% over een periode van drie maanden. Bij een lager omzetverlies zal het saldo naar rato verlaagd worden, bijvoorbeeld 45% bij 50% omzetverlies. Er moet sprake zijn van een minimale omzetdaling van 20% over een aaneengesloten periode van drie maanden. Op basis van de aanvraag zal het UWV een voorschot verstrekken ter hoogte van 80% van de verwachte tegemoetkoming.

Een aanvraag kan slechts eenmaal worden ingediend. Het is daarom belangrijk om bekend te zijn met de voorwaarden. Heeft u vragen over deze regeling, neem dan contact met ons op.

Wat zijn de voorwaarden voor deze subsidie?

  • Er mag (in principe) geen ontslag wegens bedrijfseconomische omstandigheden worden aangevraagd. Dit geldt voor de periode van 18 maart 2020 tot en met 31 mei 2020. Indien dit wel het geval is, wordt het loon van de werknemer voor wie ontslag is aangevraagd, plus een boete van 50% over dit loon, in mindering gebracht op de totale loonsom waarop de subsidie is gebaseerd.
  • De ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging moet door de werkgever op de hoogte worden gebracht van deze subsidieverlening.
  • Tot vijf jaar na vaststelling van de subsidie kan om inzage in de administratie worden gevraagd.
  • Het UWV kan een verleende subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen, indien niet aan de voorwaarden is voldaan. Als er een redelijk vermoeden is van een strafbaarheid heeft het UWV de mogelijkheid om aangifte te doen bij het OM.

Wat is de hoogte van de subsidie?

Voor het berekenen van de hoogte van de subsidie kan een rekensom gebruikt worden.
A x B x 3 x 1,3 x 0,9.
A staat voor de verwachte omzetdaling
B staat voor de loonsom

Voorwaarden voor de omzetdaling.

  • De reden van de omzetdaling is niet relevant.
  • De omzetdaling dient berekend te worden als gemiddelde over een aaneengesloten periode van drie maanden.
  • De werkgever kan een keuze maken uit drie periodes 1 maart – 31 mei 2020, 1 april – 30 juni 2020 of 1 mei – 31 juli 2020. Als de keuze eenmaal gemaakt is, staat deze vast.
  • De werkgever moet voor de gekozen periode van drie maanden een inschatting van de toekomstige omzetdaling maken. Hierbij wordt een vergelijking gemaakt met 25% van de totale jaaromzet van 2019.
  • Indien werkgever tot een concern (groep) behoort geldt de omzetdaling op concernniveau.

Voorwaarden voor de loonsom.

  • Voor de loonsom wordt van het sociale verzekeringsloon (SV-loon) uitgegaan. Loon boven € 9.538,- bruto per maand komt niet voor subsidie in aanmerking.
  • Er wordt een opslag van 30% gehanteerd voor de aanvullende werkgeverslasten en kosten.
  • Bij het voorschot (80%) wordt uitgegaan van de loonsom over het aangiftetijdvak januari 2020.

Nadat het UWV de subsidieaanvraag heeft ontvangen, dienen zij uiterlijk binnen 13 weken te beslissen. De betaling van het voorschot zal in drie termijnen plaatsvinden. De werkgever is vervolgens verplicht binnen 24 weken na afloop van de periode waarover de NOW is toegekend de definitieve vaststelling van de subsidie aan te vragen. In de vaststellingsfase wordt uiteindelijk gekeken naar de daadwerkelijke loonsom. Een lagere loonsom over de gekozen periode leidt tot een lagere subsidie. Een correctie zal in dat geval plaatsvinden.

Inmiddels is vastgesteld dat het loket voor de nieuwe regeling Noodfonds Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) per 6 april open zal zijn.